Politiek Beleidsplan

De politieke vereniging Lijst Pim Fortuyn Eindhoven is in 2004 opgericht vanuit de landelijke partij die in 2002 vanuit het niets met 26 zetels in de Tweede Kamer kwam.
Maar ...wat doen en willen  wij in Eindhoven? (Lees verder)

Fractieleden Lijst Pim Fortuyn


Rudy Reker
Fractievoorzitter


Petra Strijbos-Nijs
Commissielid

  
Mari Nijs 
Commissielid

 Willie van Veen
Commissielid

  
Reker-Lilian Wiebers
Fractiemedewerkster 


Carlo van Remortel
Voorzitter
Jonge Fortuynisten  

Betoog Kadernota 2014 – 2017

25 juni 2013 Raadsvergadering, Behandeling Kadernota 2014 - 2017 Spreektekst Rudy Reker 
Voorzitter, dank u wel,
Om in deze tijd van economische malaise een realistische kadernota op te stellen is een lastige opgave. Zelfs als dat een voortzetting is van het huidig gevoerde beleid. Vooraanstaande economen kunnen geen betrouwbare verwachting uitspreken over de ontwikkeling van de economie. Erger nog, ze betwisten elkaars visie op de economie. Een jaar geleden vertelde ik hier dat de vorige kadernota wel een van de moeilijkste kadernota’s was die ik in de afgelopen 7 jaar heb gezien. Maar de voorliggende kadernota 2014 – 2017 kan hier zonder meer aan worden toegevoegd. Het blijft bezuinigen geblazen. En met de weinige middelen die ons in deze gemeente ter beschikking staan, proberen wij de stad niet op slot te doen door slim te investeren.

Vanuit Den Haag voorzitter hoeven we geen wonderen te verwachten wat de economische groei betreft. Nee we gaan zelfs 6 miljard extra bezuinigen, of zoals u wilt ook de lasten voor de burgers weer verzwaren om aan de Brusselse 3 procents norm te kunnen voldoen. Dat deze landelijke bezuinigingsronde, daar zal ik mij nu maar tot beperken, wordt uitgesmeerd over de gemeenten in ons land moge duidelijk zijn. Onze fractie zet daarom vraagtekens bij de houdbaarheidsdatum van deze kadernota. Voorzitter, Deze Kadernota getuigt van realistische- maar ook niet realistische inschattingen. Een realistische inschatting is dat het college zich niet rijk gaat rekenen aan het Grondbedrijf door te maken kosten gelijk als activa op te voeren. Als bij verkoop blijkt dat de opbrengsten lager zijn dan de boekwaarde ondermijnt dat de financiële positie. Nee, deze kosten hoopt het college bij verkoop van de gronden in de opbrengsten terug te zien. Dat is in deze onzekere tijd een goede stap vooruit. Ook realistisch is om te stellen dat de oorspronkelijke ambitie om de bijstandsafhankelijkheid met 10% te verminderen in het huidig Nederlands economisch klimaat niet vol is te houden. Voorzitter,

Een punt waar onze fractie zich ook zorgen over maakt zijn de frictiekosten voor het eigen personeel. Het optimisme van het college dat daar tot 2017 i.p.v. 30 miljoen maar 15 miljoen voor nodig zal zijn delen wij niet. Bovendien zijn daar ook nog geen financiële middelen voor gevonden. Een ander punt van onze zorg is dat de gemeentelijke reserves niet liquide zijn. Dat kan best wel eens erg lastig worden. Voorzitter,

Veel projecten zijn de laatste jaren gefinancierd met vreemd vermogen. In 2012 is het rentebudget opgehoogd naar 3 miljoen en vanaf 2014 is dat 4 miljoen euro per jaar. Dit vreemde vermogen leidt tot groeiende rentelasten en daardoor wellicht minder bestedingen in onze stad. Elke Eindhovense burger kan dan uitrekenen dat nog meer geld bij lenen een keer fout moet lopen. Tegelijkertijd staan de inkomsten van de Gemeente Eindhoven nu al onder druk, door minder rijksbijdragen en minder opbrengsten uit reguliere zaken. Dit terwijl niemand nog weet welke bezuinigingen dit kabinet nog uit de hoge hoed gaat toveren, al dan niet ingegeven door Brussel. Vanuit financieringsoptiek wilt u als college weer geld bij lenen, om zoals u eerder heeft verteld: ‘om leuke dingen voor de stad te doen’. Voor dit college is een volle leningenportefeuille geen negatief signaal. Deze woorden staan zwart op wit in de Kadernota. Aan de volgende coalitie de ondankbare taak om niet alleen de rente te betalen, maar ook met verminderde inkomsten en hogere uitgaven in onze stad de aflossingen op te hoesten. Voorzitter, Als ik in de kadernota lees dat we als gemeente Eindhoven in 2017 volgens de huidige stand van zaken door Den Haag in totaal voor 61,5 miljoen euro gekort gaan worden op de decentralisaties en er slechts in totaal 4,7 miljoen euro nieuw geld uit het Gemeentefonds hier tegenover staat, dan vrees ik het ergste voor de gevolgen van de eerder genoemde 6 miljard extra bezuiniging. Extra aandacht voor de gevolgen, voor hen die deze bezuinigingen het meest treffen, is wel het minste dat wij als Gemeente Eindhoven kunnen doen. De drie decentralisaties in het sociaal domein zullen het nodige extra werk gaan opleveren terwijl het budget daarvoor niet evenredig is. Het vraagt niet alleen extra inzet van het ambtelijk apparaat, het college en de raad maar ook nieuwe kennis van deze partijen. Daarom zullen zich bij de implementatie waarschijnlijk kinderziektes voordoen. Om die reden vindt de LPF het een verstandige beslissing van het college om een reserve van 25 miljoen euro voor twee jaar op te bouwen, om de aanloopkosten voor de implementatie van de drie decentralisaties te kunnen opvangen, zodat we niet voor onaangename financiële verassingen komen te staan. Voorzitter, Positief gestemd volgt onze fractie de ontwikkelingen van WijEindhoven. Dat de uitgangspunten van WijEindhoven een enorme impact zullen hebben op de huidige werkwijzen binnen de Jeugdzorg en het AWBZ domein, zoals in de kadernota geschreven staat, kan onze fractie beamen. Door de werkwijze van WijEindhoven kan nu beter maatwerk geleverd worden in het belang van de cliënt en kan er tevens goedkoper worden gewerkt. Met belangstelling kijken wij dan ook uit naar de quick- scan van de twee pilots in het najaar, welke ons door de wethouder is toegezegd. Een blijvend punt van aandacht voor WijEindhoven is de communicatie met de burgers van Eindhoven, die niet alleen beter kan, maar ook beter moet. Hiervoor hebben wij in de commissievergadering van 18 juni jl. reeds aandacht gevraagd bij de wethouder. Zorg hebben wij over de kortingen van het Rijk op het budget voor Hulp bij het Huishouden. Het Rijk kiest er voor inkomensgrenzen te stellen bij de huishoudelijke hulp, zodat daarmee een korting van 75% kan worden doorgevoerd op de WMO-middelen, hulp bij het huishouden. Onze gemeente laat zich echter van zijn sociale kant zien, door een korting van 50% door te voeren en compensatie te zoeken voor alle hulp bij de huishouding gebruikers onder 120% van het sociaal minimum. Dat vinden wij een goede zaak. Voorzitter, tot slot, Dat er zowel landelijk als bij ons in Eindhoven sterk wordt ingezet op technisch onderwijs, is met realiteitszin kijken naar de toekomst. Immers wanneer de economie weer gaat aantrekken, dan is er in Nederland en in Eindhoven het benodigde technisch kennispotentieel direct voorhanden. Maar investeren in onderwijs in het algemeen is sowieso een keiharde noodzaak, waarop niet bezuinigd mag worden. Het is noodzakelijk voor Eindhoven en ook voor heel Nederland om internationaal op diverse terreinen mee te kunnen blijven doen. Dank u wel.