Lijst Pim Fortuyn
Eindhoven

Wie zijn wij en...wat willen
 wij in Eindhoven

(Lees verder...)

Fractieleden
Lijst Pim Fortuyn

Rudy Reker
Rudy Reker
Fractievoorzitter

Lilian Reker
Reker-Lilian Wiebers
Fractiemedewerkster
Commissielid

Tjerk Langman
Tjerk Langman
Commissielid

Mari Nijs
Mari Nijs
Commissielid


Dennis Klein
Jonge Fortuynisten

 

Vergunning voor krakkemikkige dakopbouw

  

Raadsvragen

18 augustus 2017

Waarom een krakkemikkige dakopbouw alsnog een vergunning verlenen?

 

Geacht college,

De eigenaar van een woning aan de Kempensebaan 105 verhuurt momenteel 6 kamers waarin 7 personen wonen: een student met vriendin en vijf buitenlanders. Omstreeks 2012 is er op het dakterras een kamer illegaal bijgebouwd.
 
Op 13 februari 2013 heeft het college de eigenaar aangeschreven dat de woning zonder omgevingsvergunning is uitgebreid met een dakopbouw.

Een pagina verder trekt het college de conclusie dat, citaat: ‘de onderhavige dakopbouw voldoet niet aan de eisen van welstand’.

En dan met vette letters, citaat: ‘Bovenstaande betekent dat voor uitbreiding van de dakopbouw op het adres Kempensebaan 105 geen omgevingsvergunning mogelijk is.’ Nou, dat is dan duidelijk. Je kunt veronderstellen en als Eindhovense burger mag je verwachten dat deze krakkemikkige bouwval moet worden afgebroken.

Vervolgens stelde het college de eigenaar in genoemde brief van 13 februari 2013 voor, ‘(…) om de huidige situatie binnen 8 weken na verzenddatum van deze brief terug te brengen in de oorspronkelijke situatie. Dit betekent dat u de dakopbouw op het adres Kempensebaan 105 dient te verwijderen’.
 
Maar nee, op 12 februari 2014 verstuurt het college een brief naar de rechtsbijstandsverzekering van nummer 103 waarin onder meer de volgende tekst. Citaat: ‘Hoewel de aanvraag niet in het geldende bestemmingsplan Tongelre binnen de ring past, zijn wij bereid medewerking te verlenen middels een Wabo-project besluit’.

Uiteraard werd dit een rechtszaak waarbij door de rechtbank een mediator werd ingezet die moest bemiddelen tussen de bewoners van nummer 103 en de huisjesmelker van nummer 105. Een bemiddeling die op niets kon uitlopen omdat de krakkemikkige bouwval nogal wat schade heeft veroorzaakt aan het pand op nummer 103. Ook is er voor de kamerbewoners op de begane grond tegen de buitenmuur van nummer 103 een douchehokje gebouwd dat niet of in elk geval onvoldoende is gefundeerd. Het gevolg hiervan is dat er door verzakkingen ernstige waterlekkages zijn opgetreden in de slaapkamers en huiskamer van de gedupeerde bewoners op nummer 103. Ook komen nu allerlei keukenluchtjes binnen in het pand op nummer 103. Het zal duidelijk zijn dat deze problemen niet door een mediator kunnen worden opgelost.

Ik veronderstel dat het college begrijpt dat 6 of 7 personen die op verschillende tijden thuiskomen en vertrekken nogal wat overlast veroorzaken in een kleine hoekwoning waarvan de gevelbreedte aan de achterzijde ca. 3 meter is. Een situatie die absoluut ongeschikt is voor kamerverhuur met 6 kamers. Neem ook de houten trap naar de zolderkamer die tegen de slaapkamer van nummer 103 aan grenst. Inmiddels zou er door het college een vergunning voor deze bouwval zijn afgegeven. Een bouwval waarvan de Gemeente Eindhoven in februari 2013 de conclusie trekt dat; ‘de onderhavige dakopbouw voldoet niet aan de redelijke eisen van welstand’.

Dat brengt mij tot de volgende vragen:

1. Is er ondertussen toch een vergunning afgegeven voor deze dakopbouw waarvan de Gemeente Eindhoven eerder bepaalde dat deze niet voldoet aan de redelijke eisen van welstand?

2. Als u de eerste vraag met ja heeft beantwoord wanneer en op welke gronden gaat de Gemeente Eindhoven dan in tegen haar eigen eerder en terecht gevormde conclusie?

3. Waarom verleende het college bij een illegaal gebouwde krakkemikkige dakopbouw medewerking middels een Wabo-project besluit?

4. Omdat er in deze raadsvragen wordt gesproken over een krakkemikkige bouwval is de vraag of het college de dakopbouw (zoals u het eerder noemde) en de ontstane schade met bijbehorende problemen van de buren wel serieus heeft genomen?

5. Is het college bereid om de oorzaak van de schade die op nummer 103 is ontstaan door een onafhankelijke partij te laten onderzoeken?

6. Is het college bereid om bij een negatief advies van deze onafhankelijke partij de situatie opnieuw te bekijken en de vergunning alsnog in te trekken?

7. Is het college bereid om de huisjesmelker van nummer 105 te verplichten (en er ook op toezien) dat de door hem veroorzaakte schade op nummer 103 door hem zal worden betaald?

8. Is het college, bij voorkeur de wethouder, genegen om ter plaatse deze absurde situatie met eigen ogen te aanschouwen?

Het college mag uit deze raadsvragen niet afleiden dat de Lijst Pim Fortuyn fractie per definitie tegen vergunningverlening van kamerpanden is. Maar de LPF alsook de inwoners van onze stad, mogen wel van het college verwachten dat bij een vergunningverlening er een goede controle plaatsvindt en er ook wordt gehandhaafd. Wijkbewoners in de directe omgeving inspraak hebben en niet zoals nu is gebeurd de buren opgescheept zijn met een aanzienlijke schadepost en overlast van een ‘veredelde duiventil’ waar door het college geen gehoor aan wordt gegeven.

Rudy Reker

 

Antwoord van Burgemeester en Wethouders
 
1. Is er ondertussen toch een vergunning afgegeven voor deze dakopbouw waarvan de Gemeente Eindhoven eerder bepaalde dat deze niet voldoet aan de redelijke eisen van welstand?

Ja, er is inmiddels een vergunning verleend. Na een aanvankelijk negatief welstandadvies is door de aanvrager de bouwaanvraag aangepast. De Commissie Ruimtelijke Kwaliteit heeft op basis hiervan positief geadviseerd. Vervolgens is de vergunning alsnog verleend. Momenteel loopt er een beroepsprocedure en in dat kader een onafhankelijk mediationtraject.
 
2. Als u de eerste vraag met ja heeft beantwoord wanneer en op welke gronden gaat de Gemeente Eindhoven dan in tegen haar eigen eerder en terecht gevormde conclusie?

Op basis van de aangepaste aanvraag en het advies van de onafhankelijke Commissie Ruimtelijke Kwaliteit is alsnog een vergunning verleend. Zie ook het antwoord op vraag 3.  
 
3. Waarom verleende het college bij een illegaal gebouwde krakkemikkige dakopbouw medewerking middels een Wabo-project besluit?

Bij constateringen van illegale bouwwerken moet ingevolge de Algemene wet bestuursrecht (Awb) de overtreder in de gelegenheid worden gesteld om de illegale situatie ongedaan te maken. Dit kan door ofwel een vergunning te verkrijgen ofwel de illegale situatie af te breken. Betrokkene heeft er in dit geval voor gekozen om een aanvraag in te dienen, die (na aangepast ontwerp) is vergund.
 
4. Omdat er in deze raadsvragen wordt gesproken over een krakkemikkige bouwval is de vraag of het college de dakopbouw (zoals u het eerder noemde) en de ontstane schade met bijbehorende problemen van de buren wel serieus heeft genomen?

Zeker, maar ten aanzien van eventuele schadeaspecten is het college niet bevoegd om uitspraken te doen of om deze schadeaspecten te beoordelen. Dit is aan de civiele rechter. Wij kunnen enkel toetsen aan de bestuursrechtelijke normen.
 
Ten aanzien van het conflict tussen beide partijen over het vergunning- en handhavingsproces van de dakopbouw heeft het college - op verzoek van de rechtbank - mediation gefaciliteerd. Daarvan is gebruik gemaakt door partijen. Uit navraag blijkt dat de mediation nog loopt. Als partijen er niet uitkomen, doet de rechtbank alsnog een uitspraak over de kwestie. 
 
5. Is het college bereid om de oorzaak van de schade die op nummer … is ontstaan door een onafhankelijke partij te laten onderzoeken?

Nee, zoals gezegd behoren schadeaspecten en rechtmatigheidsoordelen tot de bevoegdheden van een civiele rechter. Dit kunnen en mogen wij niet meenemen bij een bestuursrechtelijke vergunningsaanvraag.
 
6. Is het college, bij voorkeur de wethouder, genegen om ter plaatse deze absurde situatie met eigen ogen te aanschouwen?

Zie het antwoord op vraag 5. Aanvullend vermelden wij dat de kwestie over de vergunning- en handhavingsprocedure ten aanzien van de dakopbouw nu onder de rechter is en van daaruit mediation loopt.
 
7. Is het college bereid om de huisjesmelker van nummer … te verplichten (en er ook op toezien) dat de door hem veroorzaakte schade op nummer … door hem zal worden betaald?

Aangezien eventuele schade een civiele aangelegenheid is, is het college hiertoe in beginsel niet bevoegd.
 
8. Is het college, bij voorkeur de wethouder, genegen om ter plaatse deze absurde situatie met eigen ogen te aanschouwen?

Wethouder Wedemeijer is inmiddels ter plekke gaan kijken.
 
Eindhoven, 28 augustus 2017 (Antwoord ontvangen op 11 september 2017)

 

15/9 Studio040

 

Laat reactieformulier zien